Merlets in een betoverd bos

Kunst onderweg

merel merlet kraai

Hij valt niet te missen, de bijzonder grote gitzwarte vogel, hoog op zijn glimmende paal. Het maakt niet uit of je de afslag Schoorl nou wel of niet neemt, rijdend over de N9, of dat je lopend of fietsend de tunnel onder de weg door gaat, richting Schoorl of er juist vandaan.. de vogel heeft je in de gaten, vanaf zijn verheven plekje. Desnoods draait hij een stukje op de wind met je mee, want dat kan hij, zo groot als ie is. Het lijkt er bovendien sterk op dat hij je niet alleen in de gaten heeft, maar het zaakje ook meteen niet helemaal vertrouwt. In een soort defensieve aanvalshouding staat hij daar. Dreigend, de kop dicht bij de grond, de staart omhoog en de stompe snavel opengesperd. Klaar voor het gevecht, mocht dat nodig zijn. Kom me niet te na, lijkt hij je toe te roepen, je hoort er automatisch het wat ordinair krassend geluid bij.

P1030482

Dat laatste blijkt echter al gauw verbeelding te zijn omdat we hier niet te maken hebben met een kauw of een kraai, wat we eerst dachten, maar met een merel. Dat lezen we thuis op internet, maar we zien het ook zelf al, als we dichterbij komen, want dan blijken er meer vogels te zijn. Langs het fietspad naar het tunneltje is er aan iedere lantaarnpaal één bevestigd. Zeven in totaal. Veel kleiner zijn deze zeven dan hun grote soortgenoot, en eerlijk gezegd ook iets duidelijker merels. Elk in een andere karakteristieke houding, zittend op een takje met blaadjes eraan dat zo aan de lantaarnpaal lijkt te groeien. Als silhouetten uit een staalplaat gestanst of gesneden en strak in de zwarte lak.

metal-bird-black-bird-97434
De Metalbird merel, verkrijgbaar in de museumshop.

Het doet meer dan een beetje denken aan de inmiddels zeer populaire cortenstaal Metalbirds, die je in de betere museumshop in soorten en maten kunt kopen, om thuis in de tuin in een boomstam te slaan. Die zijn een idee van de Nieuw Zeelandse ontwerper en kunstenaar Phil Walters, die in 2011, geïnspireerd door Banksy, de eerste exemplaren her en der in zijn woonplaats installeerde, bij wijze van straatkunst. Waarna het al snel breed werd opgemerkt en het zich in de jaren daarna over de wereld verspreidde. Het ontwerp van de Schoorlse merels is van 2013, lezen wij. Het zou dus kunnen dat de makers zich hierdoor hebben laten inspireren. We filosoferen maar wat voor ons uit. Dat ze hier, denkend in de lijn van DaDa en Pop Art, een gebruiksvoorwerp of in dit geval een alledaags massa-designproduct tot kunst verheffen. Door er ook nog een enorm uitvergrote versie van te maken verwijzen ze wellicht naar Claes Oldenburg, een Zweeds-Amerikaans kunstenaar die op die manier te werk gaat en op zijn beurt eigenlijk ook best in het verlengde van DaDa en Pop Art gezien kan worden, wat ons betreft.

blok lugthart
Bas Lugthart (l) en Maree Blok vormen samen het kunstenaarsduo BlokLughthart.

Maree Blok (1959) en Bas Lugthart (1955) zijn de kunstenaars waarover we het hebben, hier aan de N9 bij Schoorl. Als duo werken ze onder de naam BlokLugthart en hebben ze al heel wat bijzondere kunstwerken in de openbare ruimte op hun cv staan. Vaak spelen enorm uitvergrote mensfiguren de hoofdrol in die beelden, tot eenvoudige en krachtige vormen of lijnen teruggebracht. In een aantal werken wordt water ingezet als beeldmateriaal, of ijs, als het water in de winter bevriest. Blok en Lugthart gaan voor de ‘wow-factor’, zeggen ze zelf, en inderdaad is dat een woord dat graag bij je opkomt wanneer je hun werk bekijkt.

Kunst-openbare-ruimte-Joure-BlokLugthart-2
Het grote gezicht. Een sculptuur van BlokLugthart in Joure. Het beeld heeft ook de functie van gemaal. Het opgepompte water wordt weer uitgespoten in stralen die het gezicht af maken en de suggestie geven van in de wind bewegende haren.

Het initiatief voor het kunstwerk aan de N9 werd genomen door de bewoners van Schoorl. Het verkeersknooppunt werd heringericht, met een nieuwe rotonde en een fiets- en voetgangerstunnel, en de bewoners benaderden de gemeente met het idee hier dan ook een kunstwerk te plaatsen, zoals vroeger gebruikelijk was met de percentageregeling. De gemeente vond dat zomaar een goed idee en gaf een aantal kunstenaars de opdracht een ontwerp te maken, waarbij het uitgangspunt iets typisch Schoorls moest zijn. Dit leidde uiteindelijk tot een prijsvraag waarbij inwoners van Schoorl uit drie ontwerpen konden kiezen. Dat werden dus de merels van BlokLugthart. Wat bij ons de vraag opriep: wat is er zo Schoorls aan merels? Welnu, dat zit zo: die staan in het wapen van Schoorl.

Coat_of_arms_of_Bergen_(North_Holland).svg
Het huidige wapen van de fusiegemeente Bergen nh met de acht merlets van Schoorl.

En nu Schoorl gefuseerd is met Bergen, staan ze ook in het wapen van Bergen. Alle acht. Dat wil zeggen, acht merlets. En hoewel dat foutief gespeld Frans is voor vrouwtjesmerel (merlette), is de merlet hier toch iets anders. Een heraldisch wapendier, namelijk. Een niet bestaand, symbolisch dier, in dit geval een sterk gestileerde eend-achtige vogel zonder snavel en zonder poten. Vraag ons niet waarom, het is zo. Alleen ridders die op kruistocht waren geweest mochten de merlet in hun wapen dragen, zo luidt het verhaal. Goed. Het zou misschien wel de defensieve houding van de grote merel verklaren, hij beschermt zijn nest, Schoorl, zoals het een heraldisch wapendier betaamt.
Het Betoverde Bos, heet het kunstwerk. In eerste instantie hebben wij ons afgevraagd waarom. Digitaal stuitten wij op tal van betoverde bossen in allerlei sprookjes, in één ervan werden meisjes omgetoverd tot vogels, maar dat leek ons uiteindelijk maar weinig met de gang van zaken in Schoorl te maken hebben. Net zo min als het jaren vijftig stripfiguur Olle Kapoen, wie kent hem niet, die ook in een betoverd bos heeft rondgedwaald.

olle kapoen kaft

Nee, inmiddels weten wij beter: een bos waar takjes aan lantaarnpalen groeien, waar bomen licht geven, waar merels van wapenschilden springen en groeien tot reuzenproporties.. dat moet beslist een betoverd bos zijn.

Advertisements

Boer, wat zeg je van mijn kippen?

Tot hier heeft de Heer ons geholpen

Boer wat zeg je van mijn kippen schoorldam

Al wandelend langs ‘s Heeren wegen, in dit geval het Groot Frieslandpad, verzamelen wij voorbeelden van de vaderlandse culturele identiteit, die geregeld onderwerp van verhitte gesprekken kan zijn. Wij treffen ze aan langs tuinpaden en oprijlanen. In perken en borders, op gazonnen en terrassen. Dit gezellig boerderijtafereel vonden wij een eindje buiten Schoorldam.

Sweet birds of paradise

Tot hier heeft de Heer ons geholpen

Sweet birds of paradise schoorldam

In deze fotorubriek verzamelen wij voorbeelden van de vaderlandse culturele identiteit zoals we die aantreffen langs oprijlanen en gazons, in perken en borders, op stoepjes en terrassen. Ook langs het Groot Frieslandpad. Deze creatieve uitingen vonden wij aan de oprijlaan van een camping in Schoorldam.

Welkom in Westfriesland

De tweede etappe, van Schoorl naar Dirkshorn, gelopen op vrijdag 15 februari 2019

We zijn er een jaartje tussenuit geweest, dus misschien dat het daaraan ligt, maar in Schoorl lopen we als een stelletje beginnelingen in het rond te dwalen op zoek naar hoe het nou toch in vredesnaam verder gaat, na de eerste etappe. We volgen wel pijlen maar gaan gaandeweg twijfelen of het de goede zijn, we komen inderdaad op een vijfsprong maar weten niet of het dezelfde is als die het boekje beschrijft, lopen heen en toch maar weer terug en zo plakken we onbedoeld een paar kilometer doelloos rondjes draaien aan de wandeling vast. Maar wat maakt het uit, het weer is prachtig, het lijkt verdorie wel lente geworden, midden in februari. Het wemelt van de jonge gezinnen met kinderen rond het bezoekerscentrum, terwijl het gewoon een vrijdag is en bij ons weten nog geen vakantie. Moeten al die mensen niet werken, vragen wij ons af, moeten al die kinderen niet naar school? Maar goed.. Wij lopen hier immers ook, op dezelfde gewone vrijdag, onder hetzelfde lentezonnetje, terwijl we er toch nog niet uitzien als pensionado’s, hopen we dan maar dat de andere mensen denken.

raadhuis-schoorl.jpg

In Schoorl zelf komen we als eerste terecht bij een schattig klein raadhuisje. Volgens het opschrift op de met krullen en consoles versierde topgevel is het van 1601. Het staat naast de hervormde kerk, die van 1783 is. Het raadhuisje, lezen we op internet, bestaat uit slechts één ruimte, de raadszaal, met een portaaltje. Niettemin is het in gebruik geweest tot 1901 voordat het door nieuwbouw werd vervangen. In 1931 kwam het gebouwtje in handen van de Vereniging Hendrick de Keyser, die zich het behoud van architectonisch of historisch waardevolle huizen ten doel heeft gesteld. Aan het Schoorlse raadhuis hebben ze een hele kluif gehad want wij lezen dat de gemeente destijds bij de overdracht de voorwaarde had gesteld dat het gebouwtje een paar meter naar achter zou worden verplaatst, zodat, toen al, de weg verbreed kon worden. Het raadhuisje is toen baksteen voor baksteen afgebroken en iets naar achteren weer opgebouwd. In het perkje voor raadhuis en kerk wordt één van Schoorls grootheden, schilder en tekenaar Jan van Scorel (1495 – 1562), geëerd, met twee bronzen beelden. Voor het raadhuis staat de kunstenaar zelf, ten voeten uit; voor de kerk een ruimtelijke opvatting van één van zijn schilderijen, de Jeruzalemvaarders.

P1030526

Verder lopen we met een boogje om Schoorl heen, steken bij Schoorldam de N9 en het Noordhollandsch Kanaal over en betreden dan via de Westfriese Omringdijk de uitgestrekte platheid van de drie Frieslanden die onze route de komende tijd doorkruist. Hoog bovenop de dijk krijgen we daar een aardig voorproefje van, weidse vergezichten van weilanden, akkers en sloten met om de zoveel tijd een bescheiden kerktorentje aan de einder. We lopen er maar een klein stukje van en zeker niet het interessantste maar de Westfriese Omringdijk is 126 km lang en doet precies wat de naam al zegt, hij omringt heel West Friesland. Van Noordzee naar Zuiderzee en weer terug. Een bijzonder idee. Ook om je voor te stellen dat aan de linkerkant van deze dijk de zee dus eeuwenlang een meer dan serieuze bedreiging is geweest, het ziet er nu zo vredig uit allemaal en de zee lijkt erg ver weg. Maar ook: zó hoog is die dijk nou ook weer niet. Hoe veilig zou je je erachter voelen wanneer de golven er bij storm en tegenweer tegenaan zouden beuken? Het kwam in zijn lange geschiedenis dan ook regelmatig voor dat de omringdijk doorbrak en het binnenkolkend zeewater enorme kraters sloeg in het achterliggend land. De ronde meren die daardoor ontstonden waren zo diep dat het makkelijker was de dijk er bij reparatie maar omheen te leggen. Deze zogenaamde wielen met de zich eromheen kronkelende dijk bieden vandaag een betoverende en schilderachtige aanblik, maar ze getuigen ook van de drama’s die zich er in vroeger tijden hebben afgespeeld.

P1030499

Bij aanvang van het Groot Frieslandpad hebben wij ons een goed voornemen gemaakt: al wandelend ontfermen wij ons over plastic zwerfafval in berm en beemd. We rapen het op, we nemen het mee en gooien het thuis in de plastic bak. Iemand moet het doen anders ligt het er voor eeuwig tenslotte. Dan maar gutmenschen, dan maar klimaatdrammers. Ook vandaag hebben we er speciaal een tasje voor meegenomen en wanneer we de dijk even verlaten om een stukje langs het Noordhollandsch Kanaal te lopen zien we de eerste oogst al liggen. Stukken plastic, bierblikjes, plastic flessen.. welgemoed beginnen we te rapen, maar al gauw slaat de twijfel toe. We lopen hier achter een camping met vaste huisjes langs, waar de grijze mistroostigheid overigens als een natte dweil overheen hangt, en het lijkt erop dat deze grasstrook met bosschage tussen kanaal en camping als hangplek fungeert. Hier kunnen we aan het rapen blijven. Straks lopen we de rest van de wandeling met ieder twee extra tassen vol andermans plastic schillen en dozen. Heel even komen we in gewetensnood maar we besluiten toch dat dit te gek is. Zelfs van gutmenschen kun je dit niet verwachten. We nemen de ergste stukken mee, maar verder moet de camping zelf maar even de handen uit de mouwen steken.

P1030564

Weer terug op de dijk lopen we door Krabbendam, een vriendelijk dorpje dat aan weerszijden tegen het dijklichaam opkruipt, en zien dan dat datzelfde dijklichaam aan de andere kant van Krabbendam opeens een heel stuk hoger is. Dat heeft ongetwijfeld te maken met de duinen van Schoorl, de hoogste duinen van het land, die verderop gelegen overgaan in de Hondsbossche zeewering, een notoire zwakke plek in de kustverdediging. Hier kon de omringdijk wel een extraatje gebruiken.
Dan staat daar Huis te Nuwendoorn. Of wat er voor door moet gaan. Een voormalige dwangburcht van Floris de Vijfde. Gebouwd, verwoest en weer opgebouwd in de 13e eeuw, en in de 14e eeuw zonder verklaring van de aardbodem verdwenen. Op de fundamenten die in onze eigen tijd werden teruggevonden en hersteld, is een paar jaar geleden een soort van ruïne gebouwd, met nep afgebrokkelde muren van moderne materialen, tot zelfs van die tuincentrum stenen in betonijzerkooien aan toe, hoe treurig wil je het hebben? De toren, het minst erge onderdeel, wordt gesuggereerd door een stalen skelet met dito trappen en fungeert in het seizoen als uitzichttoren. Voor toeristen. Als die eropaf komen tenminste.

P1030568

Terwijl wij dit allemaal zo staan te overwegen en de term Vinex-ruïne uit onze mouw schudden, stopt er een auto op tien meter afstand. Wat een beetje vreemd is omdat we aan het eind van een stoffig en doodlopend landweggetje staan. Het is een donkere auto, met donkere ruiten. Er stapt een jongeman uit, met een koffer. Verborgen achter de auto buigt de jongeman zich over de koffer, de koffer gaat open. Het is niet het soort koffer waar je een weekendje mee gaat logeren bij vrienden. Wat de jongen aan het doen is kunnen we niet zien, maar hij ís iets aan het doen. Misschien kijken we teveel Homeland, maar zo’n koffer is het wel. Het wordt tijd om verder te wandelen, besluiten we conflictvermijdend, al moeten we dan wel langs de auto, en de jongeman. Uiteraard loopt het goed af, de jongeman staat een peperdure drone startklaar te maken en geeft ons maar al te graag een demonstratie. Op zijn schermpje kunnen we zien wat de drone aan beelden doorgeeft. Zo zien we onszelf een beetje sullig omhoog staan te kijken, met onze rugzakjes om. Maar als de drone dan echt het luchtruim kiest en we hem nog slechts als een onhoorbaar stipje aan het zwerk zien staan, zien we Huis te Nuwendoorn op het schermpje vanuit de lucht, we zien de Westfriese Omringdijk door het landschap kronkelen, we zien de wijde omgeving, haarscherp. Het is even verbazingwekkend als verontrustend.

P1030593

De wandeling gaat verder door Eenigenburg, een charmant dorp waar de tijd minder vat op lijkt te hebben. Dat het op een aantal terpen is gebouwd, is vanuit de verte nog goed te zien. Op één ervan staat het kerkje, met een piepklein kerkhofje ernaast. We lopen er even naar toe, al hoeft dat niet van het routeboekje. Het is een schattig kerkje met een houten torentje en het is van 1792. Ene Dirk Pronk legde de eerste steen, op zijn zesde. De lange oprijlaan herinner ik me statig omzoomd van hoge bomen, maar die zijn inmiddels van voor tot achter vervangen door ijle sprietjes waarvan het moeilijk is voor te stellen dat het ooit weer hoge bomen zullen worden.
Als we Eenigenburg weer verlaten biedt het boekje ons twee mogelijke routes. Op de gok kiezen we er één maar voor we goed en wel op weg zijn wordt ons een halt toegeroepen door een meneer die in zijn tuin snoeiafval staat klein te knippen. De meneer is tanig van gestalte, draagt een oorring, een baardje van een week en doet wat denken aan een piraat. Of een kunstenaar. Dat we de andere route moeten nemen, adviseert hij ons vriendelijk doch dringend, omdat die veel leuker is. De route die wij nu gekozen hebben is saai, aldus de meneer. En zo keren wij terug op onze schreden, want ja.. ga daar maar eens tegenin. Spijt hebben we er niet van gekregen trouwens want het was een aardig ommetje langs een zeer onaangeharkt stukje niemandsland, en daar houden wij wel van.

P1030630

Het laatste stuk voert ons nog door Stroet, een lintdorp dat wij in de breedte passeren, na 357 stappen zijn we er al weer uit. Vlak voor Groenveld, in het zicht van de molen, buigen we naar rechts af om dwars door de weilanden en over grasdijkjes, langs de golfbaan Dirkshorn te bereiken. Vertrekpunt voor de volgende etappe.

Bekijk eventueel ook het ene fotoalbum van deze etappe, en het andere.

Van Schoorl naar Dirkshorn

Fotoalbum

P1030571

De lente van 2019 begon al half februari, zullen we later zeggen, als we oud zijn. Wij liepen vrijdag de 15e de tweede etappe van het Groot Frieslandpad en waren er getuige van. Van Schoorl naar Dirkshorn ging het, onder een stralend blauwe hemel bij hemelse temperaturen. Waar we kwamen waren de mensen opgetogen naar buiten getrokken, om te wandelen, te fietsen of in de tuin te werken. Of gewoon maar wat in het zonnetje te zitten, want dat kon gewoon. We liepen een stukje over de Westfriese Omringdijk, door Krabbendam en Eenigenburg, we zagen Stroet en Groenveld en eindigden in Dirkshorn.
Bekijk gerust, in afwachting van verdere berichten, alvast het fotoalbum.
En omdat we met z’n tweeën lopen, is er ook een tweede fotoalbum.